Jonge afgestudeerden houden Amsterdams politiekorps scherp

Het politiekorps Amsterdam-Amstelland wil intern innoveren. Maar hoe organiseer je dat in een hiërarchisch bedrijf, waar soms strakke denkkaders overheersen? Op initiatief van hoofdcommissaris Bernard Welten startte het korps met het Juxta-programma: een project waarin twaalf pas afgestudeerde vrijdenkers kritisch meelopen binnen het korps. Van kunstenaar tot neuro-wetenschapper, anderhalf jaar lang zullen zij de blauwe dienders voorzien van ongezouten kritiek en grensverleggende voorstellen. Maar hoe innoverend is hun aanwezigheid nou echt? En wat is de invloed op de stijl van leidinggeven in het korps?
Menno Lanting , directeur van Baak Blue sprak hierover met korpschef Bernard Welten.
Door: Petra Baars
Nieuwe methoden gebruiken
Op de vraag van Menno of het project tot resultaten leidt, noemt Bernard Welten graag wat voorbeelden uit de praktijk. Welten: “Laatst waren de korps-themadagen waar ik van plan was om in een toespraak uit te leggen dat het ingewikkeld is om de juiste nieuwe instrumenten te vinden voor ons politiewerk. Een van de mensen uit de Juxta-groep, een filosoof, stelde voor dat we dit veel eenvoudiger kunnen overbrengen in een animatiefilmpje en heeft dat vervolgens gemaakt. Het was een groot succes. Iemand anders die informatica, kunstmatige intelligentie en cognitieve neuro-science heeft gestudeerd, een hele mond vol, wees ons op de manier waarop wij met informatiesturing bezig zijn. Door die sturing kunnen we voorspellen waar en wat voor soort strafbaar feit gaat plaatsvinden. Die jongen zei: ‘de manier waarop jullie proberen de jonge politiemensen dit te leren is niet effectief, briefings en mails spreken hen niet aan’. Hij is nu bezig het systeem zo te maken dat alle generaties er gemakkelijk mee gaan werken.”
Vooral niet van de politie gaan houden
Welten heeft geen idee wat de uitkomst van dit project zal zijn. De selectieprocedure was streng, iedereen moest een referaat schrijven over de strategienota genaamd ‘Politieontwikkeling’. Degenen met de meest vernieuwende blik en de beste papieren mochten komen. “Ik geef ze alle vrijheid, maar het moet wel over politieontwikkeling gaan. Er wordt van hen verwacht dat zij met hun deskundigheid in ons bedrijf rondkijken en procesversnellers voorstellen. Ze gebruiken regelmatig een klankbordgroep en ze hebben begeleiders. Het zijn absoluut non-conformisten die, wat mij betreft, een zekere distantie moeten houden, ze mogen niet te veel van de politie gaan houden. Dan verliezen zij de kracht van de onafhankelijke blik. Een van de vrouwen heeft wat anarchistische trekken, ik hoop dat het zo blijft, het gevaar is dat ze de politie gaat ‘begrijpen.”
Denkkracht-fabriek zorgt voor verwarring
“Het leuke van die club is dat zij totaal niet hiërarchie gevoelig zijn. Zij zeggen wat ze willen, er is geen afstand of ongezonde spanning. Ik werk niet dagelijks met hen, ik faciliteer alleen dit soort zaken. Wij hebben ook een leerstoel, politie veiligheid en burgerschap, en de zogenaamde Agora-groep, mensen die met mij spreken over toekomstige ontwikkelingen. Met deze drie initiatieven wil ik geen kennis genereren maar een denkkrachtfabriek creëren die de tijd en de ruimte neemt om met iets nieuws te komen. Zo breng ik invloeden van buiten de traditionele politiewereld naar binnen. Mijn doel is ook om beweging in dit bedrijf te genereren, om verwarring te creëren. Zo ga je als organisatie leren. Veel collega’s vinden het leuk dat er malle geesten rondlopen die tegendraadse vragen stellen en doorvragen naar het waarom.”
Ook leiders mogen leren
Menno Lanting vraagt zich af of er door deze mensen ook iets wezenlijks veranderd in het leiderschap binnen de organisatie. Welten zegt van wel. “Wanneer deze jonge mensen een goed argument aanvoeren kun je dit niet meer negeren. Je moet er iets mee. Dan kom je bij de bereidheid van de leider om te leren. Tot voor kort voerden mensen in een politieorganisatie orders uit. Maar dat is niet mijn idee over leren. Het is veel leuker als mensen zelf dingen ontdekken, zonder dat ik het heb gezegd. Het hele politiebedrijf is nu veel opener dan vroeger. Ook omdat er andere disciplines verweven zijn met het politievak. Maar er is ook een mentaliteitsverandering. Vroeger deed je je best, en dan was het OK. Maar het soort mensen die zich zo laten aansturen zijn een uitstervend ras. Nu wordt er meer van je verwacht, je moet een bijdrage leveren aan de doelstelling van de organisatie.”
Het meest in de krant
Menno:”Het zijn waarschijnlijk niet alleen de juxta-mensen die veel energie weten te genereren, maar het wordt ook door veel mensen intern opgepakt. Die krijgen nieuwe ideeën die ze willen uitvoeren, en laten andere dingen liggen. Iedereen gaat ondernemen.”
Bernard Welten: “Je moet inderdaad oppassen dat je niet de onkruidfabriek van ideeën wordt. Toch stimuleer ik dat ondernemerschap van harte. Je moet zorgen dat mensen vrij zijn in hun geest, dat ze dingen doen waarvan ze niet wisten dat ze het konden. Zij mogen met hoofd, hart en buik werken. Ik wil dat politiemensen niet alleen maar aan symptoombestrijding doen, maar in samenwerking met andere partijen tot structurele oplossingen komen. Dat vergt dus ondernemerschap. En buiten de deur kijken. Ons bedrijf zou vastlopen wanneer ik niet zo werk. Ondanks dat wij een non-profit bedrijf zijn, staan wij namelijk het meest in de krant. Wij moeten echt veranderen”
